News & events

01/04/2017

Nieuw voorstel verzekering tienjarige aansprakelijkheid

 

De federale ministerraad keurde in oktober 2016 een wetsontwerp goed, waardoor aannemers in de bouwsector een verplichte verzekering zullen moeten afsluiten voor hun tienjarige aansprakelijkheid. De inwerkingtreding is voorzien voor op 1 januari 2018, maar is nog onzeker.

 

Het wetsontwerp komt tegemoet aan de uitspraak van het Grondwettelijk Hof van 12 juli 2007. Het Hof oordeelde dat er een schending was van de artikelen 10 en 11 van de Grondwet gezien architecten ertoe worden verplicht hun beroepsaansprakelijkheid te verzekeren, terwijl een dergelijke verplichting niet geldt voor andere actoren in de bouwsector.

Die discriminatie wordt nu weggewerkt door een nieuwe verplichte verzekering in te voeren voor de aannemers en andere dienstverleners in de bouwsector. Hierna worden de krachtlijnen kort besproken.

 

A. Beperkt toepassingsgebied

 

- Woningbouw

 

Het wetsontwerp bepaalt dat de tienjarige burgerlijke aansprakelijkheidsverzekering in hoofde van de aannemers en de andere dienstverleners in de bouwsector beperkt is tot de gevallen van onroerende goederen bestemd voor bewoning.

 

Deze beperking is niet uitdrukkelijk bepaald, maar zou men kunnen afleiden uit de definities van het wetsontwerp.

Bovendien beperkt artikel 3 van het wetsontwerp de verzekering tienjarige burgerlijke aansprakelijkheid tot de soliditeit, stabiliteit en waterdichtheid van de gesloten ruwbouw van een onroerend goed.

Bovendien is de wettelijke verzekeringsplicht voor de tienjarige burgerlijke aansprakelijkheid beperkt tot welomschreven ernstige gebreken in de ruwbouw, met uitsluiting van bepaalde schade.

De waarborg voor de lichte verborgen gebreken valt volledig buiten de voorgestelde regeling, ook schade aan derden is niet in de verzekering inbegrepen.

 

- Tussenkomst architect

 

De aannemers (zowel de geregistreerde, als de niet-geregistreerde) vallen slechts onder de regeling, mits de tussenkomst van een architect verplicht wordt gesteld.

Voor andere dienstverleners in de bouwsector lijkt de verzekeringsplicht daarentegen niet beperkt tot de gevallen waar de tussenkomst van een architect verplicht wordt gesteld, maar dit is nog niet duidelijk.

 

- Vergoeding

Per schadegeval is een tegemoetkoming voorzien tot maximum 500.00,00 euro afhankelijk van de waarde van het gebouw

 

B. Systeem

 

De aannemer zal kunnen kiezen om een verzekering te nemen op jaarbasis, dan wel een verzekering per werf af te sluiten.

 

C. Impact op verzekeringsplicht van architecten

 

Wat betreft de aansprakelijkheid van de architecten, beperkt het wetsvoorstel de omvang van de huidige wettelijk verplichte dekking. Het toepassingsgebied van de voorgestelde wettelijke verzekeringsplicht en de voorwaarden worden beperkt tot de tienjarige burgerlijke aansprakelijkheid van de architecten, aannemers en andere dienstverleners in de bouwsector.
Daarentegen betreft de huidige wettelijke verzekeringsplicht voor architecten de globale burgerlijke aansprakelijkheid voortvloeiend uit de activiteit van architect, die zowel de contractuele (inclusief tienjarige aansprakelijkheid (artikel 1792 BW) en de aansprakelijkheid voor lichte verborgen gebreken), als de buitencontractuele aansprakelijkheid omvat. Deze tienjarige aansprakelijkheid is van contractuele aard. De voorgestelde regeling voorziet geen verplichte dekking van de buitencontractuele aansprakelijkheid.

 

Als tweede voorziet de huidige regeling de wettelijke aansprakelijkheidsplicht voor alle architecten. Het is niet duidelijk of de nieuwe regeling ook zal gelden voor architecten die enkel een plan tekenen en enkel moeten zorgen voor de vergunning.
Bovendien is het niet duidelijk of de verzekeringsplicht en de voorwaarden voor de tienjarige burgerlijke aansprakelijkheid in hoofde van de aannemers en dienstverleners in de bouwsector beperkt tot de gevallen van onroerende goederen, bestemd voor bewoning (infra) ook zal gelden voor de architecten.


D. Gevolgen verplicht karakter

 

De kwalificatie als wettelijk verplichte aansprakelijkheidsverzekering heeft als gevolg dat de specifieke regels in de artikelen 151 en 152 van de wet van 4 april 2014 betreffende de verzekeringen van toepassing zijn.
Artikel 151 van desbetreffende wet bepaalt dat bij de verplichte burgerrechtelijke aansprakelijkheidsverzekeringen de excepties, vrijstellingen, de nietigheid en het verval van recht voortvloeiend uit de wet of de overeenkomst en die hun oorzaak vinden in een feit dat zich voor of na het schadegeval heeft voorgedaan, aan de benadeelde niet worden tegengeworpen.
Indien de nietigverklaring, de opzegging, de beëindiging of de schorsing van de overeenkomst geschied is voordat het schadegeval zich heeft voorgedaan, kan zij echter aan de benadeelde worden tegengeworpen.
Voor de andere soorten burgerrechtelijke aansprakelijkheidsverzekeringen kan de verzekeraar slechts de excepties, de nietigheid en het verval van recht voortvloeiend uit de wet of de overeenkomst tegenwerpen aan de benadeelde persoon voor zover deze hun oorzaak vinden in een feit dat het schadegeval voorafgaat.
Artikel 152 van de Verzekeringswet bepaalt dat de verzekeraar zich, voor zover hij volgens de wet of de verzekeringsovereenkomst de prestaties had kunnen weigeren of verminderen, een recht van verhaal kan voorbehouden tegen de verzekeringnemer en, indien daartoe grond bestaat, tegen de verzekerde die niet de verzekeringnemer is, ten belope van het persoonlijk aandeel in de aansprakelijkheid van de verzekerde.

 

E. Besluit

 

Zowel het Netwerk Architecten Vlaanderen (NAV) als de Orde van Architecten zien het wetsontwerp als een gemiste kans die niet ver genoeg gaat. Zij betreuren dat de verzekeringsplicht beperkt is tot de tienjarige burgerlijke aansprakelijkheid en dit enkel in de woningbouw. Ook de Confederatie Bouw vindt dat de verplichte verzekering voor aannemers niet de beste oplossing is voor de bescherming van de consument.
Er zijn echter nog veel onduidelijkheden omtrent de concrete invulling van deze nieuwe regeling: wat zijn de minimumvoorwaarden, op wie rust de verzekeringsplicht, etc. Bovendien zal de nieuwe regeling tot gevolg hebben dat de bouwkost voor de bouwheer hoger zal zijn.

Auteur

News & events

01/04/2017

Nieuw voorstel verzekering tienjarige aansprakelijkheid

 

De federale ministerraad keurde in oktober 2016 een wetsontwerp goed, waardoor aannemers in de bouwsector een verplichte verzekering zullen moeten afsluiten voor hun tienjarige aansprakelijkheid. De inwerkingtreding is voorzien voor op 1 januari 2018, maar is nog onzeker.

 

Het wetsontwerp komt tegemoet aan de uitspraak van het Grondwettelijk Hof van 12 juli 2007. Het Hof oordeelde dat er een schending was van de artikelen 10 en 11 van de Grondwet gezien architecten ertoe worden verplicht hun beroepsaansprakelijkheid te verzekeren, terwijl een dergelijke verplichting niet geldt voor andere actoren in de bouwsector.

Die discriminatie wordt nu weggewerkt door een nieuwe verplichte verzekering in te voeren voor de aannemers en andere dienstverleners in de bouwsector. Hierna worden de krachtlijnen kort besproken.

 

A. Beperkt toepassingsgebied

 

- Woningbouw

 

Het wetsontwerp bepaalt dat de tienjarige burgerlijke aansprakelijkheidsverzekering in hoofde van de aannemers en de andere dienstverleners in de bouwsector beperkt is tot de gevallen van onroerende goederen bestemd voor bewoning.

 

Deze beperking is niet uitdrukkelijk bepaald, maar zou men kunnen afleiden uit de definities van het wetsontwerp.

Bovendien beperkt artikel 3 van het wetsontwerp de verzekering tienjarige burgerlijke aansprakelijkheid tot de soliditeit, stabiliteit en waterdichtheid van de gesloten ruwbouw van een onroerend goed.

Bovendien is de wettelijke verzekeringsplicht voor de tienjarige burgerlijke aansprakelijkheid beperkt tot welomschreven ernstige gebreken in de ruwbouw, met uitsluiting van bepaalde schade.

De waarborg voor de lichte verborgen gebreken valt volledig buiten de voorgestelde regeling, ook schade aan derden is niet in de verzekering inbegrepen.

 

- Tussenkomst architect

 

De aannemers (zowel de geregistreerde, als de niet-geregistreerde) vallen slechts onder de regeling, mits de tussenkomst van een architect verplicht wordt gesteld.

Voor andere dienstverleners in de bouwsector lijkt de verzekeringsplicht daarentegen niet beperkt tot de gevallen waar de tussenkomst van een architect verplicht wordt gesteld, maar dit is nog niet duidelijk.

 

- Vergoeding

Per schadegeval is een tegemoetkoming voorzien tot maximum 500.00,00 euro afhankelijk van de waarde van het gebouw

 

B. Systeem

 

De aannemer zal kunnen kiezen om een verzekering te nemen op jaarbasis, dan wel een verzekering per werf af te sluiten.

 

C. Impact op verzekeringsplicht van architecten

 

Wat betreft de aansprakelijkheid van de architecten, beperkt het wetsvoorstel de omvang van de huidige wettelijk verplichte dekking. Het toepassingsgebied van de voorgestelde wettelijke verzekeringsplicht en de voorwaarden worden beperkt tot de tienjarige burgerlijke aansprakelijkheid van de architecten, aannemers en andere dienstverleners in de bouwsector.
Daarentegen betreft de huidige wettelijke verzekeringsplicht voor architecten de globale burgerlijke aansprakelijkheid voortvloeiend uit de activiteit van architect, die zowel de contractuele (inclusief tienjarige aansprakelijkheid (artikel 1792 BW) en de aansprakelijkheid voor lichte verborgen gebreken), als de buitencontractuele aansprakelijkheid omvat. Deze tienjarige aansprakelijkheid is van contractuele aard. De voorgestelde regeling voorziet geen verplichte dekking van de buitencontractuele aansprakelijkheid.

 

Als tweede voorziet de huidige regeling de wettelijke aansprakelijkheidsplicht voor alle architecten. Het is niet duidelijk of de nieuwe regeling ook zal gelden voor architecten die enkel een plan tekenen en enkel moeten zorgen voor de vergunning.
Bovendien is het niet duidelijk of de verzekeringsplicht en de voorwaarden voor de tienjarige burgerlijke aansprakelijkheid in hoofde van de aannemers en dienstverleners in de bouwsector beperkt tot de gevallen van onroerende goederen, bestemd voor bewoning (infra) ook zal gelden voor de architecten.


D. Gevolgen verplicht karakter

 

De kwalificatie als wettelijk verplichte aansprakelijkheidsverzekering heeft als gevolg dat de specifieke regels in de artikelen 151 en 152 van de wet van 4 april 2014 betreffende de verzekeringen van toepassing zijn.
Artikel 151 van desbetreffende wet bepaalt dat bij de verplichte burgerrechtelijke aansprakelijkheidsverzekeringen de excepties, vrijstellingen, de nietigheid en het verval van recht voortvloeiend uit de wet of de overeenkomst en die hun oorzaak vinden in een feit dat zich voor of na het schadegeval heeft voorgedaan, aan de benadeelde niet worden tegengeworpen.
Indien de nietigverklaring, de opzegging, de beëindiging of de schorsing van de overeenkomst geschied is voordat het schadegeval zich heeft voorgedaan, kan zij echter aan de benadeelde worden tegengeworpen.
Voor de andere soorten burgerrechtelijke aansprakelijkheidsverzekeringen kan de verzekeraar slechts de excepties, de nietigheid en het verval van recht voortvloeiend uit de wet of de overeenkomst tegenwerpen aan de benadeelde persoon voor zover deze hun oorzaak vinden in een feit dat het schadegeval voorafgaat.
Artikel 152 van de Verzekeringswet bepaalt dat de verzekeraar zich, voor zover hij volgens de wet of de verzekeringsovereenkomst de prestaties had kunnen weigeren of verminderen, een recht van verhaal kan voorbehouden tegen de verzekeringnemer en, indien daartoe grond bestaat, tegen de verzekerde die niet de verzekeringnemer is, ten belope van het persoonlijk aandeel in de aansprakelijkheid van de verzekerde.

 

E. Besluit

 

Zowel het Netwerk Architecten Vlaanderen (NAV) als de Orde van Architecten zien het wetsontwerp als een gemiste kans die niet ver genoeg gaat. Zij betreuren dat de verzekeringsplicht beperkt is tot de tienjarige burgerlijke aansprakelijkheid en dit enkel in de woningbouw. Ook de Confederatie Bouw vindt dat de verplichte verzekering voor aannemers niet de beste oplossing is voor de bescherming van de consument.
Er zijn echter nog veel onduidelijkheden omtrent de concrete invulling van deze nieuwe regeling: wat zijn de minimumvoorwaarden, op wie rust de verzekeringsplicht, etc. Bovendien zal de nieuwe regeling tot gevolg hebben dat de bouwkost voor de bouwheer hoger zal zijn.

Auteur

News & events

01/04/2017

Nieuw voorstel verzekering tienjarige aansprakelijkheid

 

De federale ministerraad keurde in oktober 2016 een wetsontwerp goed, waardoor aannemers in de bouwsector een verplichte verzekering zullen moeten afsluiten voor hun tienjarige aansprakelijkheid. De inwerkingtreding is voorzien voor op 1 januari 2018, maar is nog onzeker.

 

Het wetsontwerp komt tegemoet aan de uitspraak van het Grondwettelijk Hof van 12 juli 2007. Het Hof oordeelde dat er een schending was van de artikelen 10 en 11 van de Grondwet gezien architecten ertoe worden verplicht hun beroepsaansprakelijkheid te verzekeren, terwijl een dergelijke verplichting niet geldt voor andere actoren in de bouwsector.

Die discriminatie wordt nu weggewerkt door een nieuwe verplichte verzekering in te voeren voor de aannemers en andere dienstverleners in de bouwsector. Hierna worden de krachtlijnen kort besproken.

 

A. Beperkt toepassingsgebied

 

- Woningbouw

 

Het wetsontwerp bepaalt dat de tienjarige burgerlijke aansprakelijkheidsverzekering in hoofde van de aannemers en de andere dienstverleners in de bouwsector beperkt is tot de gevallen van onroerende goederen bestemd voor bewoning.

 

Deze beperking is niet uitdrukkelijk bepaald, maar zou men kunnen afleiden uit de definities van het wetsontwerp.

Bovendien beperkt artikel 3 van het wetsontwerp de verzekering tienjarige burgerlijke aansprakelijkheid tot de soliditeit, stabiliteit en waterdichtheid van de gesloten ruwbouw van een onroerend goed.

Bovendien is de wettelijke verzekeringsplicht voor de tienjarige burgerlijke aansprakelijkheid beperkt tot welomschreven ernstige gebreken in de ruwbouw, met uitsluiting van bepaalde schade.

De waarborg voor de lichte verborgen gebreken valt volledig buiten de voorgestelde regeling, ook schade aan derden is niet in de verzekering inbegrepen.

 

- Tussenkomst architect

 

De aannemers (zowel de geregistreerde, als de niet-geregistreerde) vallen slechts onder de regeling, mits de tussenkomst van een architect verplicht wordt gesteld.

Voor andere dienstverleners in de bouwsector lijkt de verzekeringsplicht daarentegen niet beperkt tot de gevallen waar de tussenkomst van een architect verplicht wordt gesteld, maar dit is nog niet duidelijk.

 

- Vergoeding

Per schadegeval is een tegemoetkoming voorzien tot maximum 500.00,00 euro afhankelijk van de waarde van het gebouw

 

B. Systeem

 

De aannemer zal kunnen kiezen om een verzekering te nemen op jaarbasis, dan wel een verzekering per werf af te sluiten.

 

C. Impact op verzekeringsplicht van architecten

 

Wat betreft de aansprakelijkheid van de architecten, beperkt het wetsvoorstel de omvang van de huidige wettelijk verplichte dekking. Het toepassingsgebied van de voorgestelde wettelijke verzekeringsplicht en de voorwaarden worden beperkt tot de tienjarige burgerlijke aansprakelijkheid van de architecten, aannemers en andere dienstverleners in de bouwsector.
Daarentegen betreft de huidige wettelijke verzekeringsplicht voor architecten de globale burgerlijke aansprakelijkheid voortvloeiend uit de activiteit van architect, die zowel de contractuele (inclusief tienjarige aansprakelijkheid (artikel 1792 BW) en de aansprakelijkheid voor lichte verborgen gebreken), als de buitencontractuele aansprakelijkheid omvat. Deze tienjarige aansprakelijkheid is van contractuele aard. De voorgestelde regeling voorziet geen verplichte dekking van de buitencontractuele aansprakelijkheid.

 

Als tweede voorziet de huidige regeling de wettelijke aansprakelijkheidsplicht voor alle architecten. Het is niet duidelijk of de nieuwe regeling ook zal gelden voor architecten die enkel een plan tekenen en enkel moeten zorgen voor de vergunning.
Bovendien is het niet duidelijk of de verzekeringsplicht en de voorwaarden voor de tienjarige burgerlijke aansprakelijkheid in hoofde van de aannemers en dienstverleners in de bouwsector beperkt tot de gevallen van onroerende goederen, bestemd voor bewoning (infra) ook zal gelden voor de architecten.


D. Gevolgen verplicht karakter

 

De kwalificatie als wettelijk verplichte aansprakelijkheidsverzekering heeft als gevolg dat de specifieke regels in de artikelen 151 en 152 van de wet van 4 april 2014 betreffende de verzekeringen van toepassing zijn.
Artikel 151 van desbetreffende wet bepaalt dat bij de verplichte burgerrechtelijke aansprakelijkheidsverzekeringen de excepties, vrijstellingen, de nietigheid en het verval van recht voortvloeiend uit de wet of de overeenkomst en die hun oorzaak vinden in een feit dat zich voor of na het schadegeval heeft voorgedaan, aan de benadeelde niet worden tegengeworpen.
Indien de nietigverklaring, de opzegging, de beëindiging of de schorsing van de overeenkomst geschied is voordat het schadegeval zich heeft voorgedaan, kan zij echter aan de benadeelde worden tegengeworpen.
Voor de andere soorten burgerrechtelijke aansprakelijkheidsverzekeringen kan de verzekeraar slechts de excepties, de nietigheid en het verval van recht voortvloeiend uit de wet of de overeenkomst tegenwerpen aan de benadeelde persoon voor zover deze hun oorzaak vinden in een feit dat het schadegeval voorafgaat.
Artikel 152 van de Verzekeringswet bepaalt dat de verzekeraar zich, voor zover hij volgens de wet of de verzekeringsovereenkomst de prestaties had kunnen weigeren of verminderen, een recht van verhaal kan voorbehouden tegen de verzekeringnemer en, indien daartoe grond bestaat, tegen de verzekerde die niet de verzekeringnemer is, ten belope van het persoonlijk aandeel in de aansprakelijkheid van de verzekerde.

 

E. Besluit

 

Zowel het Netwerk Architecten Vlaanderen (NAV) als de Orde van Architecten zien het wetsontwerp als een gemiste kans die niet ver genoeg gaat. Zij betreuren dat de verzekeringsplicht beperkt is tot de tienjarige burgerlijke aansprakelijkheid en dit enkel in de woningbouw. Ook de Confederatie Bouw vindt dat de verplichte verzekering voor aannemers niet de beste oplossing is voor de bescherming van de consument.
Er zijn echter nog veel onduidelijkheden omtrent de concrete invulling van deze nieuwe regeling: wat zijn de minimumvoorwaarden, op wie rust de verzekeringsplicht, etc. Bovendien zal de nieuwe regeling tot gevolg hebben dat de bouwkost voor de bouwheer hoger zal zijn.