News & events

01/06/2017

Enkele aandachtspunten indien U werkt met onderaannemers.

Tenzij de aannemingsovereenkomst dit uitdrukkelijk uitsluit, mag de algemeen aannemer een beroep doen op onderaannemers voor de uitvoering van het werk. Bij de opmaak van een contract tussen hoofdaannemer en onderaannemer, zijn er verschillende punten die Uw aandacht verdienen.

 

1. De vestigingswet:

 

Volgens de vestigingswet dient elke kmo de nodige ondernemersvaardigheden te bewijzen. Dit slaat niet enkel op een diploma bedrijfsbeheer, maar betreft, in het geval van een gereglementeerd beroep (wat heel wat bouwberoepen zijn), ook de specifieke beroepsbekwaamheden.


Indien U optreedt als algemeen aannemer, dan dient U bewijs te leveren van:

  • Basiskennis bedrijfsbeheer;
  • De sectorale beroepsbekwaamheid (dit betreft specifieke administratieve kennis, technische kennis en coördinatietechnieken);
  • De sectorale beroepsbekwaamheid voor één van de andere gereglementeerde activiteiten uit de bouwsector (bv. beroepsbekwaamheid ruwbouw).

 

Dit is een vereiste, zelfs indien U als algemeen aannemer zelf geen werken uitvoert en alles uitbesteedt aan onderaannemers.

 

Voldoet U niet aan de correcte inschrijvingen, dan kan de opdrachtgever de nietigheid van de overeenkomst opwerpen, en riskeert U niet betaald te worden voor de uitgevoerde werken!

 

U gaat ook best na of de onderaannemer waarmee U een contract wenst te sluiten, voldoet aan de ondernemersvaardigheden. Beschikt hij wel over de specifieke beroepsbekwaamheden om bijvoorbeeld ruwbouwwerken, elektrotechnieken, stukadoorwerken, schilderwerken, schrijnwerken, … uit te voeren?

 

U kan dit nagaan op de website van de FOD Economie; U zoekt dit op onder de zoekterm “kbo public search”.

 

De Vlaamse Regering nam op 17/03/2017 de principiële beslissing om de vestigingswet af te schaffen, doch tot nu toe is de wet nog steeds van toepassing! Wij brengen U op de hoogte van zodra de afschaffing een feit is!

 

 

2. Ter beschikking stelling van werknemers:

 

De ter beschikking stelling van werknemers is verboden (met uitzondering van een strikt aantal gevallen, zoals bv. de uitzendarbeid). (wet van 24/07/1987)

 

Dit betekent dat werknemers enkel instructies van hun werkgever mogen aannemen, en niet van iemand anders. Nemen de werknemers toch instructies aan van andere personen dan de werkgever, dan zou men kunnen oordelen dat deze werknemers ter beschikking van deze personen werden gesteld.

 

U wil dit ten allen tijde vermijden, daar U strafrechtelijk kan bestraft worden. Daarenboven kan U samen met de werkelijke werkgever hoofdelijk gehouden zijn tot betaling van de sociale bijdragen, de lonen, de vergoedingen, … aan deze werknemers.

 

Indien Uw onderaannemer op de werf aan het werk is met zijn werknemers, dan dient er op toegezien te worden dat deze werknemers geen instructies aannemen van U als algemeen aannemer, of van Uw eigen opdrachtgever (de bouwheer). Dit om te vermijden dat er sprake zou zijn van een verboden ter beschikking stelling van werknemers.

 

U doet dit best door in de onderaannemingsovereenkomst een clausule te voorzien waarin uitdrukkelijk vermeld staat dat de werknemers van de onderaannemer enkel van hun eigen werkgever instructies mogen aannemen.

 

Indien U als hoofdaannemer toch bepaalde instructies wenst te geven aan het personeel van Uw onderaannemer, dan dient dit uitdrukkelijk vermeld te worden in de onderaannemingsovereenkomst, en dienen de instructies gedetailleerd bepaald te zijn in deze overeenkomst.

 

 

3. Hoofdelijke loonaansprakelijkheid voor rechtstreekse medecontractant bij bouwwerkzaamheden:

 

Sedert 30/12/2016 is er een nieuwe hoofdelijke loonaansprakelijkheid in de bouw. Dit betekent dat U hoofdelijk aansprakelijk bent voor niet-betaalde lonen aan de werknemers van Uw rechtstreekse medecontractant in geval van bouwwerkzaamheden.

 

Enkele voorwaarden en richtlijnen hieromtrent:

 

1. De aansprakelijkheid geldt automatisch. Er is geen verwittiging nodig van de Sociale Inspectie.

 

2. De aansprakelijkheid geldt enkel voor de werknemers van Uw rechtstreekse contractant. Concreet:

a. De opdrachtgever (bouwheer) is aansprakelijk voor de niet-betaalde lonen van de werknemers van zijn aannemer.

b. De aannemer is aansprakelijk voor de niet-betaalde lonen van de werknemers van zijn onderaannemer.

c. De opdrachtgever (bouwheer) is niet aansprakelijk voor de niet-betaalde lonen van de werknemers van de onderaannemer, daar de bouwheer en de onderaannemer geen rechtstreekse contractanten zijn.

 

3. De aansprakelijkheid geldt enkel voor de lonen verschuldigd voor de arbeidsprestaties die werden geleverd in het kader van de overeenkomst die bestaat tussen de werkgever  en de contractspartij (opdrachtgever of aannemer) van de werkgever.

 

4. Deze aansprakelijkheid geldt enkel voor de activiteiten die behoren tot 5 specifieke paritaire comités of subcomités, met name

  • PC 124 (bouw)
  • Werken in onroerend staat en behorend tot PC 111 (metaal) PC 121 (schoonmaak), PC 126 (houtbewerking) of PC 149.01 (elektriciens).

 

5. De aansprakelijkheid is niet van toepassing op de opdrachtgever-natuurlijk persoon die werken of diensten uitsluitend voor privédoeleinden laat uitvoeren.

 

6. De aansprakelijkheid geldt enkel voor niet of niet volledig betaalde lonen. De aansprakelijkheid geldt niet voor de vergoedingen waarop de werknemer recht heeft ingevolge de beëindiging van de arbeidsovereenkomst.

 

7. Welk loon? De lonen en vergoedingen die verschuldigd zijn op basis van algemeen verbindend verklaarde cao’s met uitzondering van bijdrage aan aanvullende bedrijfspensioenregelingen. Het loon bevat ook de intresten die van rechtswege verschuldigd zijn vanaf het tijdstip dat het loon opeisbaar is geworden ten opzichte van de eigenlijke werkgever.

 

Wat evenwel belangrijk is: U kan zich in principe bevrijden van deze verplichting!

 

Een voorzichtige contractant kan aan deze hoofdelijke aansprakelijkheid ontsnappen door een schriftelijke verklaring van zijn aannemer. Deze verklaring kan in een afzonderlijk document opgenomen worden of in een clausule in de aannemingsovereenkomst. De verklaring, ondertekend door beide partijen, houdt in dat: 

  • de opdrachtgever aan zijn aannemer de coördinaten meedeelt van de internetsite van de FOD Waso waarin de inlichtingen betreffende het verschuldigd loon zijn opgenomen (www.minimumlonen.be), en
  • de aannemer bevestigt dat hij het verschuldigd loon aan zijn werknemers betaalt en ook in de toekomst zal betalen.

 

De mogelijkheid om te ontkomen aan de aansprakelijkheid door dergelijke verklaring is niet absoluut. De aansprakelijkheid zal opnieuw gelden 14 werkdagen nadat de opdrachtgever of aannemer kennis heeft van het feit dat zijn aannemer het verschuldigde loon niet volledig betaalt.

 

Dit bewijs dat de hoofdelijk aansprakelijke op de hoogte is van de niet-betaling, kan met alle middelen geleverd worden. (bv. aanplakking op de werf van een schrijven van de Inspectie)

 

In dit geval geldt de aansprakelijkheid enkel voor toekomstige schulden.

 

Indien U weigert te voldoen aan Uw betalingsverplichting als hoofdelijk aansprakelijke kan U gesanctioneerd worden met hetzij een administratieve geldboete van 150 tot 1.500 €, hetzij een strafrechtelijke geldboete van 300 tot 3.000 €.

 

 

4. Veiligheid en welzijn op de werf:

 

Als hoofdaannemer bent U gehouden toezicht uit te oefenen op de werf, teneinde te zorgen voor een veilige werkomgeving.

 

Het is aangeraden om in de onderaannemingsovereenkomst een clausule op te nemen waarin de onderaannemer zich uitdrukkelijk engageert om alle veiligheidsvoorzieningen te treffen en maatregelen te nemen om de veiligheid en het welzijn op de werf te garanderen.

 

Dit om te vermijden dat U als hoofdaannemer naderhand aansprakelijk gehouden zou worden voor de onveilige manier van werken van Uw onderaannemer(s).

 

 

Voor meer gedetailleerde informatie, of voor voorbeelden van clausules om op te nemen in Uw overeenkomsten, contacteer ons!

Auteur

Lori Malysse

News & events

01/06/2017

Enkele aandachtspunten indien U werkt met onderaannemers.

Tenzij de aannemingsovereenkomst dit uitdrukkelijk uitsluit, mag de algemeen aannemer een beroep doen op onderaannemers voor de uitvoering van het werk. Bij de opmaak van een contract tussen hoofdaannemer en onderaannemer, zijn er verschillende punten die Uw aandacht verdienen.

 

1. De vestigingswet:

 

Volgens de vestigingswet dient elke kmo de nodige ondernemersvaardigheden te bewijzen. Dit slaat niet enkel op een diploma bedrijfsbeheer, maar betreft, in het geval van een gereglementeerd beroep (wat heel wat bouwberoepen zijn), ook de specifieke beroepsbekwaamheden.


Indien U optreedt als algemeen aannemer, dan dient U bewijs te leveren van:

  • Basiskennis bedrijfsbeheer;
  • De sectorale beroepsbekwaamheid (dit betreft specifieke administratieve kennis, technische kennis en coördinatietechnieken);
  • De sectorale beroepsbekwaamheid voor één van de andere gereglementeerde activiteiten uit de bouwsector (bv. beroepsbekwaamheid ruwbouw).

 

Dit is een vereiste, zelfs indien U als algemeen aannemer zelf geen werken uitvoert en alles uitbesteedt aan onderaannemers.

 

Voldoet U niet aan de correcte inschrijvingen, dan kan de opdrachtgever de nietigheid van de overeenkomst opwerpen, en riskeert U niet betaald te worden voor de uitgevoerde werken!

 

U gaat ook best na of de onderaannemer waarmee U een contract wenst te sluiten, voldoet aan de ondernemersvaardigheden. Beschikt hij wel over de specifieke beroepsbekwaamheden om bijvoorbeeld ruwbouwwerken, elektrotechnieken, stukadoorwerken, schilderwerken, schrijnwerken, … uit te voeren?

 

U kan dit nagaan op de website van de FOD Economie; U zoekt dit op onder de zoekterm “kbo public search”.

 

De Vlaamse Regering nam op 17/03/2017 de principiële beslissing om de vestigingswet af te schaffen, doch tot nu toe is de wet nog steeds van toepassing! Wij brengen U op de hoogte van zodra de afschaffing een feit is!

 

 

2. Ter beschikking stelling van werknemers:

 

De ter beschikking stelling van werknemers is verboden (met uitzondering van een strikt aantal gevallen, zoals bv. de uitzendarbeid). (wet van 24/07/1987)

 

Dit betekent dat werknemers enkel instructies van hun werkgever mogen aannemen, en niet van iemand anders. Nemen de werknemers toch instructies aan van andere personen dan de werkgever, dan zou men kunnen oordelen dat deze werknemers ter beschikking van deze personen werden gesteld.

 

U wil dit ten allen tijde vermijden, daar U strafrechtelijk kan bestraft worden. Daarenboven kan U samen met de werkelijke werkgever hoofdelijk gehouden zijn tot betaling van de sociale bijdragen, de lonen, de vergoedingen, … aan deze werknemers.

 

Indien Uw onderaannemer op de werf aan het werk is met zijn werknemers, dan dient er op toegezien te worden dat deze werknemers geen instructies aannemen van U als algemeen aannemer, of van Uw eigen opdrachtgever (de bouwheer). Dit om te vermijden dat er sprake zou zijn van een verboden ter beschikking stelling van werknemers.

 

U doet dit best door in de onderaannemingsovereenkomst een clausule te voorzien waarin uitdrukkelijk vermeld staat dat de werknemers van de onderaannemer enkel van hun eigen werkgever instructies mogen aannemen.

 

Indien U als hoofdaannemer toch bepaalde instructies wenst te geven aan het personeel van Uw onderaannemer, dan dient dit uitdrukkelijk vermeld te worden in de onderaannemingsovereenkomst, en dienen de instructies gedetailleerd bepaald te zijn in deze overeenkomst.

 

 

3. Hoofdelijke loonaansprakelijkheid voor rechtstreekse medecontractant bij bouwwerkzaamheden:

 

Sedert 30/12/2016 is er een nieuwe hoofdelijke loonaansprakelijkheid in de bouw. Dit betekent dat U hoofdelijk aansprakelijk bent voor niet-betaalde lonen aan de werknemers van Uw rechtstreekse medecontractant in geval van bouwwerkzaamheden.

 

Enkele voorwaarden en richtlijnen hieromtrent:

 

1. De aansprakelijkheid geldt automatisch. Er is geen verwittiging nodig van de Sociale Inspectie.

 

2. De aansprakelijkheid geldt enkel voor de werknemers van Uw rechtstreekse contractant. Concreet:

a. De opdrachtgever (bouwheer) is aansprakelijk voor de niet-betaalde lonen van de werknemers van zijn aannemer.

b. De aannemer is aansprakelijk voor de niet-betaalde lonen van de werknemers van zijn onderaannemer.

c. De opdrachtgever (bouwheer) is niet aansprakelijk voor de niet-betaalde lonen van de werknemers van de onderaannemer, daar de bouwheer en de onderaannemer geen rechtstreekse contractanten zijn.

 

3. De aansprakelijkheid geldt enkel voor de lonen verschuldigd voor de arbeidsprestaties die werden geleverd in het kader van de overeenkomst die bestaat tussen de werkgever  en de contractspartij (opdrachtgever of aannemer) van de werkgever.

 

4. Deze aansprakelijkheid geldt enkel voor de activiteiten die behoren tot 5 specifieke paritaire comités of subcomités, met name

  • PC 124 (bouw)
  • Werken in onroerend staat en behorend tot PC 111 (metaal) PC 121 (schoonmaak), PC 126 (houtbewerking) of PC 149.01 (elektriciens).

 

5. De aansprakelijkheid is niet van toepassing op de opdrachtgever-natuurlijk persoon die werken of diensten uitsluitend voor privédoeleinden laat uitvoeren.

 

6. De aansprakelijkheid geldt enkel voor niet of niet volledig betaalde lonen. De aansprakelijkheid geldt niet voor de vergoedingen waarop de werknemer recht heeft ingevolge de beëindiging van de arbeidsovereenkomst.

 

7. Welk loon? De lonen en vergoedingen die verschuldigd zijn op basis van algemeen verbindend verklaarde cao’s met uitzondering van bijdrage aan aanvullende bedrijfspensioenregelingen. Het loon bevat ook de intresten die van rechtswege verschuldigd zijn vanaf het tijdstip dat het loon opeisbaar is geworden ten opzichte van de eigenlijke werkgever.

 

Wat evenwel belangrijk is: U kan zich in principe bevrijden van deze verplichting!

 

Een voorzichtige contractant kan aan deze hoofdelijke aansprakelijkheid ontsnappen door een schriftelijke verklaring van zijn aannemer. Deze verklaring kan in een afzonderlijk document opgenomen worden of in een clausule in de aannemingsovereenkomst. De verklaring, ondertekend door beide partijen, houdt in dat: 

  • de opdrachtgever aan zijn aannemer de coördinaten meedeelt van de internetsite van de FOD Waso waarin de inlichtingen betreffende het verschuldigd loon zijn opgenomen (www.minimumlonen.be), en
  • de aannemer bevestigt dat hij het verschuldigd loon aan zijn werknemers betaalt en ook in de toekomst zal betalen.

 

De mogelijkheid om te ontkomen aan de aansprakelijkheid door dergelijke verklaring is niet absoluut. De aansprakelijkheid zal opnieuw gelden 14 werkdagen nadat de opdrachtgever of aannemer kennis heeft van het feit dat zijn aannemer het verschuldigde loon niet volledig betaalt.

 

Dit bewijs dat de hoofdelijk aansprakelijke op de hoogte is van de niet-betaling, kan met alle middelen geleverd worden. (bv. aanplakking op de werf van een schrijven van de Inspectie)

 

In dit geval geldt de aansprakelijkheid enkel voor toekomstige schulden.

 

Indien U weigert te voldoen aan Uw betalingsverplichting als hoofdelijk aansprakelijke kan U gesanctioneerd worden met hetzij een administratieve geldboete van 150 tot 1.500 €, hetzij een strafrechtelijke geldboete van 300 tot 3.000 €.

 

 

4. Veiligheid en welzijn op de werf:

 

Als hoofdaannemer bent U gehouden toezicht uit te oefenen op de werf, teneinde te zorgen voor een veilige werkomgeving.

 

Het is aangeraden om in de onderaannemingsovereenkomst een clausule op te nemen waarin de onderaannemer zich uitdrukkelijk engageert om alle veiligheidsvoorzieningen te treffen en maatregelen te nemen om de veiligheid en het welzijn op de werf te garanderen.

 

Dit om te vermijden dat U als hoofdaannemer naderhand aansprakelijk gehouden zou worden voor de onveilige manier van werken van Uw onderaannemer(s).

 

 

Voor meer gedetailleerde informatie, of voor voorbeelden van clausules om op te nemen in Uw overeenkomsten, contacteer ons!

Auteur

Lori Malysse

News & events

01/06/2017

Enkele aandachtspunten indien U werkt met onderaannemers.

Tenzij de aannemingsovereenkomst dit uitdrukkelijk uitsluit, mag de algemeen aannemer een beroep doen op onderaannemers voor de uitvoering van het werk. Bij de opmaak van een contract tussen hoofdaannemer en onderaannemer, zijn er verschillende punten die Uw aandacht verdienen.

 

1. De vestigingswet:

 

Volgens de vestigingswet dient elke kmo de nodige ondernemersvaardigheden te bewijzen. Dit slaat niet enkel op een diploma bedrijfsbeheer, maar betreft, in het geval van een gereglementeerd beroep (wat heel wat bouwberoepen zijn), ook de specifieke beroepsbekwaamheden.


Indien U optreedt als algemeen aannemer, dan dient U bewijs te leveren van:

  • Basiskennis bedrijfsbeheer;
  • De sectorale beroepsbekwaamheid (dit betreft specifieke administratieve kennis, technische kennis en coördinatietechnieken);
  • De sectorale beroepsbekwaamheid voor één van de andere gereglementeerde activiteiten uit de bouwsector (bv. beroepsbekwaamheid ruwbouw).

 

Dit is een vereiste, zelfs indien U als algemeen aannemer zelf geen werken uitvoert en alles uitbesteedt aan onderaannemers.

 

Voldoet U niet aan de correcte inschrijvingen, dan kan de opdrachtgever de nietigheid van de overeenkomst opwerpen, en riskeert U niet betaald te worden voor de uitgevoerde werken!

 

U gaat ook best na of de onderaannemer waarmee U een contract wenst te sluiten, voldoet aan de ondernemersvaardigheden. Beschikt hij wel over de specifieke beroepsbekwaamheden om bijvoorbeeld ruwbouwwerken, elektrotechnieken, stukadoorwerken, schilderwerken, schrijnwerken, … uit te voeren?

 

U kan dit nagaan op de website van de FOD Economie; U zoekt dit op onder de zoekterm “kbo public search”.

 

De Vlaamse Regering nam op 17/03/2017 de principiële beslissing om de vestigingswet af te schaffen, doch tot nu toe is de wet nog steeds van toepassing! Wij brengen U op de hoogte van zodra de afschaffing een feit is!

 

 

2. Ter beschikking stelling van werknemers:

 

De ter beschikking stelling van werknemers is verboden (met uitzondering van een strikt aantal gevallen, zoals bv. de uitzendarbeid). (wet van 24/07/1987)

 

Dit betekent dat werknemers enkel instructies van hun werkgever mogen aannemen, en niet van iemand anders. Nemen de werknemers toch instructies aan van andere personen dan de werkgever, dan zou men kunnen oordelen dat deze werknemers ter beschikking van deze personen werden gesteld.

 

U wil dit ten allen tijde vermijden, daar U strafrechtelijk kan bestraft worden. Daarenboven kan U samen met de werkelijke werkgever hoofdelijk gehouden zijn tot betaling van de sociale bijdragen, de lonen, de vergoedingen, … aan deze werknemers.

 

Indien Uw onderaannemer op de werf aan het werk is met zijn werknemers, dan dient er op toegezien te worden dat deze werknemers geen instructies aannemen van U als algemeen aannemer, of van Uw eigen opdrachtgever (de bouwheer). Dit om te vermijden dat er sprake zou zijn van een verboden ter beschikking stelling van werknemers.

 

U doet dit best door in de onderaannemingsovereenkomst een clausule te voorzien waarin uitdrukkelijk vermeld staat dat de werknemers van de onderaannemer enkel van hun eigen werkgever instructies mogen aannemen.

 

Indien U als hoofdaannemer toch bepaalde instructies wenst te geven aan het personeel van Uw onderaannemer, dan dient dit uitdrukkelijk vermeld te worden in de onderaannemingsovereenkomst, en dienen de instructies gedetailleerd bepaald te zijn in deze overeenkomst.

 

 

3. Hoofdelijke loonaansprakelijkheid voor rechtstreekse medecontractant bij bouwwerkzaamheden:

 

Sedert 30/12/2016 is er een nieuwe hoofdelijke loonaansprakelijkheid in de bouw. Dit betekent dat U hoofdelijk aansprakelijk bent voor niet-betaalde lonen aan de werknemers van Uw rechtstreekse medecontractant in geval van bouwwerkzaamheden.

 

Enkele voorwaarden en richtlijnen hieromtrent:

 

1. De aansprakelijkheid geldt automatisch. Er is geen verwittiging nodig van de Sociale Inspectie.

 

2. De aansprakelijkheid geldt enkel voor de werknemers van Uw rechtstreekse contractant. Concreet:

a. De opdrachtgever (bouwheer) is aansprakelijk voor de niet-betaalde lonen van de werknemers van zijn aannemer.

b. De aannemer is aansprakelijk voor de niet-betaalde lonen van de werknemers van zijn onderaannemer.

c. De opdrachtgever (bouwheer) is niet aansprakelijk voor de niet-betaalde lonen van de werknemers van de onderaannemer, daar de bouwheer en de onderaannemer geen rechtstreekse contractanten zijn.

 

3. De aansprakelijkheid geldt enkel voor de lonen verschuldigd voor de arbeidsprestaties die werden geleverd in het kader van de overeenkomst die bestaat tussen de werkgever  en de contractspartij (opdrachtgever of aannemer) van de werkgever.

 

4. Deze aansprakelijkheid geldt enkel voor de activiteiten die behoren tot 5 specifieke paritaire comités of subcomités, met name

  • PC 124 (bouw)
  • Werken in onroerend staat en behorend tot PC 111 (metaal) PC 121 (schoonmaak), PC 126 (houtbewerking) of PC 149.01 (elektriciens).

 

5. De aansprakelijkheid is niet van toepassing op de opdrachtgever-natuurlijk persoon die werken of diensten uitsluitend voor privédoeleinden laat uitvoeren.

 

6. De aansprakelijkheid geldt enkel voor niet of niet volledig betaalde lonen. De aansprakelijkheid geldt niet voor de vergoedingen waarop de werknemer recht heeft ingevolge de beëindiging van de arbeidsovereenkomst.

 

7. Welk loon? De lonen en vergoedingen die verschuldigd zijn op basis van algemeen verbindend verklaarde cao’s met uitzondering van bijdrage aan aanvullende bedrijfspensioenregelingen. Het loon bevat ook de intresten die van rechtswege verschuldigd zijn vanaf het tijdstip dat het loon opeisbaar is geworden ten opzichte van de eigenlijke werkgever.

 

Wat evenwel belangrijk is: U kan zich in principe bevrijden van deze verplichting!

 

Een voorzichtige contractant kan aan deze hoofdelijke aansprakelijkheid ontsnappen door een schriftelijke verklaring van zijn aannemer. Deze verklaring kan in een afzonderlijk document opgenomen worden of in een clausule in de aannemingsovereenkomst. De verklaring, ondertekend door beide partijen, houdt in dat: 

  • de opdrachtgever aan zijn aannemer de coördinaten meedeelt van de internetsite van de FOD Waso waarin de inlichtingen betreffende het verschuldigd loon zijn opgenomen (www.minimumlonen.be), en
  • de aannemer bevestigt dat hij het verschuldigd loon aan zijn werknemers betaalt en ook in de toekomst zal betalen.

 

De mogelijkheid om te ontkomen aan de aansprakelijkheid door dergelijke verklaring is niet absoluut. De aansprakelijkheid zal opnieuw gelden 14 werkdagen nadat de opdrachtgever of aannemer kennis heeft van het feit dat zijn aannemer het verschuldigde loon niet volledig betaalt.

 

Dit bewijs dat de hoofdelijk aansprakelijke op de hoogte is van de niet-betaling, kan met alle middelen geleverd worden. (bv. aanplakking op de werf van een schrijven van de Inspectie)

 

In dit geval geldt de aansprakelijkheid enkel voor toekomstige schulden.

 

Indien U weigert te voldoen aan Uw betalingsverplichting als hoofdelijk aansprakelijke kan U gesanctioneerd worden met hetzij een administratieve geldboete van 150 tot 1.500 €, hetzij een strafrechtelijke geldboete van 300 tot 3.000 €.

 

 

4. Veiligheid en welzijn op de werf:

 

Als hoofdaannemer bent U gehouden toezicht uit te oefenen op de werf, teneinde te zorgen voor een veilige werkomgeving.

 

Het is aangeraden om in de onderaannemingsovereenkomst een clausule op te nemen waarin de onderaannemer zich uitdrukkelijk engageert om alle veiligheidsvoorzieningen te treffen en maatregelen te nemen om de veiligheid en het welzijn op de werf te garanderen.

 

Dit om te vermijden dat U als hoofdaannemer naderhand aansprakelijk gehouden zou worden voor de onveilige manier van werken van Uw onderaannemer(s).

 

 

Voor meer gedetailleerde informatie, of voor voorbeelden van clausules om op te nemen in Uw overeenkomsten, contacteer ons!